ZORG

Het Sint-Pieterscollege wil haar leerlingen begeleiden naar zelfstandigheid.

Tijdens je schoolcarrière kan je soms moeilijke momenten tegenkomen. De begeleiding wil er zijn voor hen die er nood aan hebben. Het kan gaan over studieproblemen, socio-emotionele zorgen of hulp bij het kiezen van een passende studierichting.

Op deze pagina geven we een overzicht van de initiatieven in de leerlingenbegeleiding.

De directeur leerlingbegeleiding, Hans Luyten, coördineert de zorg en de begeleiding voor onze leerlingen.

De leerlingbegeleider, Els Beelen, is het dagelijkse aanspreekpunt voor leerlingen en ouders met vragen.

Leerlingbegeleider:
Els Beelen
els.beelen@spc.ksleuven.be

Directeur Leerlingbegeleiding:
Hans Luyten
hans.luyten@spc.ksleuven.be

INTERNE LEERLINGENBEGELEIDING

SOCIO-EMOTIONELE BEGELEIDING

Op dit terrein is de klastitularis uiterst belangrijk. Hij is het aanspreekpunt in de klas, maakt de klasafspraken, begeleidt de klasdagen, excursies, … Kortom hij draagt er samen met de leerlingen zorg voor dat er een positief klasklimaat heerst.

Toch is het om allerlei redenen mogelijk dat iemand het wat moeilijk heeft (pesten, conflictsituaties, thuissituatie, gedragsproblemen, ...). Leerlingen kunnen ook dan bij hun titularis terecht, maar ze kunnen zich ook richten tot vakleraren, de graadopvoeders of de leerlingenbegeleider. Zij bieden een luisterend oor en zoeken graag samen naar een oplossing.

STUDIEBEGELEIDING

Elke leerling groeit door de jaren op zijn eigen ritme in zijn studiemethode. De noden hieromtrent zijn dus heel verschillend en de motivatie om hierin te groeien is de sleutel.

Leren leren begint in de klas bij de vakleerkracht. Hij of zij is het eerste aanspreekpunt bij studiemoeilijkheden. Indien nodig neemt hij initiatieven zoals bijkomende uitleg, remediërende opdrachten, opvolgen van de studieinzet, planning, …

Op maandag, dinsdag en donderdag kunnen leerlingen, naast de klassieke avondstudie, op school blijven studeren met hulp van de studiebegeleiders. Op dinsdagavond worden er ook sessies georganiseerd rond
verschillende thema’s als notities nemen, planning maken… Leerlingen van de derde graad kunnen er dan ook met concrete vragen over wiskunde, chemie en fysica terecht in de monitoraten.

Vanaf het tweede trimester kunnen leerlingen specifieker worden begeleid. Na de klassenraad van december en in overleg met de klassenraad worden de leerlingen met specifieke of structurele studieproblemen uitgenodigd om hun studieaanpak grondiger te analyseren met de studiebegeleiders. Zij kijken samen met de leerling op welk domein hulp nodig is. In overleg met de klassenraad, de leerling en de ouders wordt er vervolgens een begeleidingstraject van workshops en gesprekken uitgestippeld.

LEERZORGEN

Voor leerlingen met specifieke leerzorgen werken we met begeleidingsplannen.

Leerzorgen omvatten dyslexie, dyscalculie, AD(H)D, … maar even goed een taalachterstand of nood aan uitdaging. 

Een begeleidingsplan omvat specifieke ondersteunende maatregelen zoals extra tijd bij proefwerken, controleren van notities, gebruik maken van een formularium, flexibel omgaan met spellingsfouten, …
Het begeleidingsplan wordt opgemaakt in overleg met leerling, ouders en klassenraad.

Iedere leerling krijgt een opvolgleerkracht, die ervoor zorgt dat het begeleidingsplan jaarlijks wordt geëvalueerd en aangepast aan eventueel veranderende noden. We werken liefst op basis van een gemotiveerd
attest wanneer dat er is, omdat daarin vaak aanwijzingen voor de begeleiding op school zijn opgenomen, maar dat is geen vereiste.

Een omschrijving van de zorgpakketten zoals  ze in de scholen van de scholengemeenschap worden toegepast vindt u op de website (www.sintpieterscollege.be).

DDP

Draaideurproject:

Via het DDP kunnen leerlingen met nood aan extra uitdaging wekelijks gedurende twee uren de les verlaten en naar het openleercentrum gaan. De bedoeling is om de schoolmotivatie te verhogen door gastseminaries aan te bieden gevolgd door individueel en gezamenlijk projectwerk. Minstens even belangrijk is dat we deze leerlingen hulp  bieden bij het leren leren en het plannen van hun schoolwerk.

SPW

Stress, Prestatiedruk en Weerbaarheid:

Leerlingen die moeilijkheden ervaren omwille van stress, prestatiedruk of faalangst zijn welkom in onze SPW-begeleiding. In een traject van zes tot acht weken trachten we leerlingen te helpen om weerbaar te worden tegen de druk die het schoolse leven met zich meebrengt. Dit initiatief wordt voor iedere graad in de loop van het schooljaar georganiseerd, na de schooluren. Deelname hieraan gebeurt op vraag van ouders,
leerlingen of klassenraad.

FLEXIBELE LEERWEGEN

Het gebeurt dat leerlingen met een structurele achterstand instromen. Ze hebben les gevolgd in andere regio’s of ze komen uit een Okan-klas of … Samen met de klassenraad wordt gezocht naar begeleidende
maatregelen om deze achterstand weg te werken.

Sinds enkele jaren bestaat er regelgeving die flexibiliteit toelaat, vooral gericht op het wegwerken van taalachterstand voor Nederlands. De scholengemeenschap werkte een Leerweg op Maat (LoM) voor Frans
uit. We werken zoveel mogelijk binnen dit kader, maar houden altijd rekening met de noden van de leerling.

BEGELEIDING ISM PARTNERS

CLB-MEDEWERKER

Onze school werkt voor de leerlingenbegeleiding samen met VCLB Leuven, K. Van Lotharingenstraat 5, 3000 Leuven. 

CLB-medewerker:
Anke Troch
anke.troch@vclbleuven.be

ONWOB

Ondersteuningsnetwerk Oost-Brabant:

Leerlingen met een (inschrijvings)verslag of gemotiveerd verslag kunnen voor ondersteuning terecht bij een ondersteuningsnetwerk. Dit geldt voor de leerlingen van de volgende types: basisaanbod (type 1, 8 in afbouw), type 3 (emotionele of gedragsstoornis), type 7 (spraak- of taalstoornis), type 9 (ASS). De school bepaalt, samen met het CLB en ouders, de ondersteuningsnoden. De scholen leggen hun vragen tot ondersteuning voor aan het ondersteuningsnetwerk. Het ondersteuningsnetwerk komt aan beeldvorming doen, en zij bepalen na een gesprek met het schoolteam en CLB de aard, duur en intensiteit van de ondersteuning. Op deze manier wordt het schoolteam aangesterkt om met de zorgnoden verder aan de slag te gaan. Voor vragen hierover kan u terecht bij Hans Luyten.

BUDDY-PROJECT

Het Buddy-project is een initiatief van de stad Leuven waarbij jongeren uit de eerste graad hulp krijgen van een naschoolse studiebegeleider. Het project wil gelijke onderwijskansen bevorderen. Buddy’s zijn vrijwilligers en leraren in opleiding die studiebegeleiding geven aan jongeren. Zij leggen de nadruk op inhoudelijke begeleiding en op het inspireren en motiveren van de leerlingen. Een buddy komt één of twee keer per week langs op school voor een sessie na de schooluren. Leerlingen worden hiertoe uitgenodigd in overleg tussen de school, de leerling en de ouders.

ANTI-PESTBELEID

Veiligheid en Vertrouwen

We vinden het belangrijk dat onze school een veilige omgeving is, ook op emotioneel vlak, waar elke jongere zich op zijn/haar manier goed mag voelen en in vertrouwen mag groeien.

Pesten is een vorm van ongewenst gedrag. Zowel jongeren die gepest worden als degenen die zelf anderen pesten, alsook de omstaanders, ervaren een impact op hun welbevinden nu en later. Jongeren die pesten gebruiken hun fysieke kracht, hun populariteit of hebben toegang tot beschamende informatie om anderen te beheersen / controleren of te schaden / kwetsen. Het omvat handelingen zoals het uiten van dreigementen, het verspreiden van geruchten, het uitlachen, het fysiek of verbaal aanvallen van iemand en het opzettelijk uitsluiten van een persoon van een groep. Vaak vindt dit meer dan éénmalig plaats en wordt het herhaald.

Pesten melden

Praat erover als je pesten in je omgeving tegen komt. Je kan steeds terecht bij je leerkrachten, je titularis of de leerlingbegeleider. Hou het niet voor jezelf. Wil je anoniem je verhaal kwijt maar wil je toch dat de leerlingbegeleiding je bezorgdheid oppikt? Laat je verhaal dan achter door op de pestknop te klikken op smartschool.

Aanpak pesten op school

De school wil zich inzetten om pesten zo goed mogelijk te voorkomen. We willen een school zijn waar we aanvaarden dat iedereen verschillend is. We durven praten over pesten en elke melding van pesten wordt ernstig genomen. Wanneer pestgedrag voorkomt, willen we dit ook meteen aanpakken en zoeken we samen met het slachtoffer naar een veilige manier om dit te doen.

Op de speelplaats hangen grote banners met vier stippen tegen pesten. Elke stip symboliseert een belangrijk aspect van hoe we samen opkomen tegen pesten.

  1. Ik vind pesten niet oké en zal er nooit aan meedoen.
    We denken samen na wat iedereen kan doen om pesten geen kans te geven.
  1. Ik praat erover als pesten mij bang of verdrietig maakt.
    Je leerkrachten, titularis, leerlingebegeleider, graadopvoeder,… staan voor je klaar om erover te praten, om echt naar je te luisteren en te zoeken naar een manier om pesten aan te pakken.
  1. Ik sluit niemand uit. Voor mij hoort iedereen erbij.
    Iedereen is verschillend en dat is maar goed ook.
  1. Ik zal altijd proberen om op te komen voor iemand die gepest wordt.
    We zien dat pesten vaak stopt wanneer groepssteun wegvalt. Iedereen van de groep speelt een rol in het pesten. Door mee te lachen of niets te zeggen houd je de pestsituatie in stand.